Ons gedeelde slavernijverleden heeft vanzelfsprekend sporen achtergelaten in het heden. Amsterdam en andere Nederlandse steden hebben er veel geld aan verdiend, en bestaande grachtenpanden en familiekapitalen zijn er een overblijfsel van. Om recht te doen aan het slavernijverleden en de nog altijd voelbare gevolgen, is herstel dringend nodig. Daarnaast werkt de ongelijkheid nog steeds door in onze samenleving.
Wat gaan we de komende jaren doen?
- Aandacht voor het slavernijverleden. We investeren in de komst en de structurele financiering van het Nationaal Slavernijmuseum in Amsterdam. We besteden aandacht aan de doorwerking van het slavernijverleden en zetten een fonds op voor de Route naar Herstel.
- We bestrijden institutioneel racisme. GroenLinks pleit voor een gemeentebrede en integrale aanpak van institutioneel racisme en discriminatie. Door zichtbaar te maken of en hoe ongelijkheid op verschillende beleidsterreinen in de hand wordt gewerkt, kunnen we bepalen wat ervoor nodig is om hier een einde aan te maken.
- Keti Koti een vrije dag. GroenLinks wil dat medewerkers van de gemeente vrij zijn op Keti Koti. Met deze vrije dag erkent de gemeente het belang van 1 juli als dag van herdenking en viering van vrijheid, en geeft zij het goede voorbeeld aan werkgevers in de stad.
Wat hebben we de afgelopen jaren voor elkaar gekregen?
- Excuses als startpunt. Op initiatief van Groenlinks heeft Gemeente Amsterdam excuses gemaakt voor de systematische en georganiseerde rol die bestuurders hebben gespeeld in de slavernij.
- Nationaal Slavernijmuseum. In 2017 diende GroenLinks een voorstel in voor een Nationaal Slavernijmuseum. Nu wordt hard gewerkt aan de bouw zodat deze in de komende jaren geopend kan worden.
Meer lezen over onze plannen voor het slavernijverleden? Lees ons verkiezingsprogramma Hoop, Verzet en Verandering.