De ‘markt’ voor zorghulpmiddelen faalt, dus de gemeente moet het zelf doen

Klachten over de aanbieders van hulpmiddelen als rolstoelen, scootmobielen en aanpassingen in het huis, zijn er al jaren. Cynisch gezegd, ze lijken er bijna bij te horen. Mensen moeten weken wachten op reparaties aan rolstoelen. Voorzieningen in het huis, als trapliften of aanpassingen in badkamer, worden te laat of verkeerd geleverd. Mankementen aan scootmobielen lijken eerder regel dan uitzondering. En de klantenservice is vervolgens nauwelijks bereikbaar. Ouderen en gehandicapten zijn de dupe.

Want de gevolgen hiervan voor cliënten zijn groot. Mensen kunnen niet meer de straat op en worden soms weken opgesloten in hun hun eigen huis omdat ze geen (werkende) rolstoel of scootmobiel hebben. Onacceptabel. Ook voelen mensen zich thuis niet meer veilig, omdat ze door ontbrekende of kapotte hulpmiddelen bang zijn om te vallen en iets te breken. We willen dat mensen langer thuis wonen, maar de falende hulpmiddelenbranche maakt dat steeds vaker onmogelijk.

De ergernis over Welzorg (de grootste aanbieder van (zorg)hulpmiddelen in Amsterdam), is groot en de klachten stapelen zich op, maar het lijkt bijna tot niets te leiden. De gemeente Amsterdam heeft het bedrijf sancties opgelegd in de vorm van boetes en een cliëntenstop tot dat de dienstverlening op orde is. Maar het is de vraag of het helpt als aanbieders nóg minder te besteden hebben en hun omzet daalt. Want op de tarieven die gemeentes betalen is door de aanhoudende bezuinigingen in de zorg al veel te veel beknibbelt. Dat is waarschijnlijk ook een van de oorzaken van de problemen. Amsterdam heeft weliswaar inmiddels de tarieven verhoogd, maar dat heeft niet tot een verbetering geleid. Klachten zijn alleen maar toegenomen.

Overstappen naar andere aanbieders kan niet want er zijn slechts een paar grote partijen die de dienst uitmaken in Nederland en de dienstverlening is bij de een nauwelijks beter dan bij de ander. Zij hebben zo’n groot ‘marktaandeel’ dat een paar kleinere partijen niet al hun cliënten zonder problemen kunnen overnemen.

De ‘markt’ faalt hier dus hard, zoals wel vaker in de zorg. En de vraag is dan: kan de gemeente dit niet beter zelf doen? De gemeente biedt dienstverlening op tal van terreinen, waarom niet op het gebied van (zorg)hulpmiddelen? De gemeente kan dan zelf sturen op de prijs en kwaliteit, in plaats van met nauwelijks werkende sancties proberen te corrigeren. De gemeente kan dan zelf het (hogere!) niveau van dienstverlening bepalen. Waar de markt faalt, kan – nee – moet de overheid ingrijpen. Het wordt tijd dat Amsterdam daar voorbereidingen voor gaat treffen, zodat wanneer de contracten met Welzorg en anderen aflopen, we daadwerkelijk een alternatief hebben.